Waar zijn mijn bananen, g.v.d.Okee, ik geef gelijk toe, een beetje een vreemde titel, maar geef me de tijd om het uit te leggen. Nee, het weer was niet geweldig toen we op donderdagmiddag landen op het vliegveld van Barcelona. Het regende een beetje en het was best winderig. Natuurlijk had Hendrik Jan zijn bedenkingen. Maar ook hier ach, die bedenkingen had hij in december toen hij zich opgaf voor deze marathon ook al. Ettelijke uren heeft het ons gekost om hem ervan te overtuigen dat het goed zou gaan. Maar toch het was gezellig met z’n allen, het weer werd prachtig, de stad was overweldigend. En de uurtjes in de toeristische bus waren fantastisch. Voor Dirk was dit z’n eerste marathon. Francois (zeg maar Frans, want ik ben ook maar gewoon een zoon van Jan en Grietje en zo noem ik mezelf ook) had nergens last van. Ach die marathon. Twee vingers in de neus en lopen. Er komt vanzelf een einde aan die 42 kilometer. En bovendien heb ik mijn vader en moeder bij me. Dan moet het toch goed komen, toch…. Hennie, Laurent, Jurgen en Jans, ze hadden nergens last van….alle vier goed voor ettelijke marathons. Ervaring zat. Ze maakten zich geen zorgen…. He…nou ja, de voet van laurent. Wel een punt. Die zeurde al een half jaar…..Deed wel veel pijn tijdens het lopen… En Jurgen…een jonge vent…onze soever….bleef lachen….waar maken die oude mensen zich toch druk over…waar Francois twee vingers denkt nodig te hebben doet hij het met alle vijf z’n vingers…goed voor vele hamburgers tijdens deze dagen…ofschoon ze wel wat aan de maat waren natuurlijk…liep tijdens de marathons met een rugzakje…laat zich raden wat erin zat. Maar wat was het gezellig met z’n allen. Temeer omdat we natuurlijk ook onze supporters bij ons hadden. Jan en Grietje. Wonen in Duitsland. Zijn dus eigenlijk duitsers. Ik belde Jan eens op tijdens zijn verjaardag. Hij had toen een respectabele leeftijd bereikt en ik wilde hem daarmee feliciteren. Ze hadden een grote feesttent in de tuin en vele gasten. Ik kreeg Grietje aan de lijn. Begon op mijn beste Duits haar te begroeten..maar kreeg als antwoord terug: Jan, Jan, kom eens gauw, ik heb een duutser aan de lijn. Zon 15 duizend lopers hadden zich ingeschreven voor de marathon. Op zaterdag moesten we de benodigde spullen halen. Chip voor in de veters, Borstnummer voor op de borst (Tijdens de marathon zie je veel lopers die niet weten waar hun borst zit), een prachtig T-shirt, parkoers beschrijving (Hendrik Jan sloeg op tilt) en de vele folders waar je geen flikker aan hebt. En de beurs..niet veel anders dan in Rome, Athene, Berlijn, enz. Maar wel leuk. En toen de marathon op zondag. Rustig starten Jans. Even bij Laurent blijven. Maar waar is Laurent nou gebleven. Hij liep net toch nog achter me. Dan maar mijn eigen weg gaan. He, wat hebben die jongens leuke broeken aan. Oh, het zijn Schotten. Even bij ze blijven. Verdorie ik moet nodig. Alleen maar auto’s aan de kant van de weg. Dan maar tussen de autos. Snel het tempo weer oppakken. Daar heb je de Schotten weer. Hey, you again? Km 15. Truus, Jan en Grietje. Even wat cola drinken. Nergens last van. Weer tempo oppakken. Daar heb je die Schotten weer. Hey, you again? Kilometer 32. Geen Truus, Grietje en Jan. Heb ik ze gemist. Verdorie, let dan ook beter op. Mijn bovenbenen beginnen nu toch wel zwaar te worden. En voel ik daar mijn rechterkuit ook al. De Schotten krijgen het nu toch wel zwaar. Mietjes. 37 kilometer. Truus, Jan en Grietje. Gelukkig. Een halve mars, cola. Lekker. Ze zagen er wat sip uit. Hadden een uitbrander gehad van Hendrik Jan. Bij kilometer 15. Hoorde iets over bananen. Weer op weg. Nog vijf kilometer. Hennie, Jurgen en Francois waren al vele minuten voor mij binnen gekomen. Jurgen had tijd verloren met het opeten van zijn hamburgers, Hennie wilde al weer terug lopen naar de start, en Francois verklaarde later dat hij met trillende benen over de finish kwam. Echter niet van vermoeidheid, maar van blijdschap, van emotie vanwege z’n eerste marathon, van alles en iedereen. Dirk, Hendrik Jan en Laurent kwamen enkele minuten na mij. Dirk was onvoorstelbaar blij. Vertelde later dat hij Hennie op z’n knieen wel wilde bedanken voor het feit dat hij hem gebeld had voor de eerste bijeenkomst. (Dirk waar blijf je, we wachten op je. Had ik me dan opgegeven voor Barcelona. Ja. Oh, nou dan kom ik eraan.) Nog even samen op de foto met medaille voor de krant thuis. Maar wat was er nou toch met die bananen onderweg. We gaan weer terug naar kilometer 15. Truus, Jan en Grietje zaten met spanning op ons te wachten. Ze hadden de tassen vol met spullen. Veel cola, enz. Nog geen bananen. Want, ach, een goede marathonloper heeft die toch pas nodig na kilometer 25. Hennie, Jurgen, Francois, Jans, Dirk kwamen voorbij. Wat zien die jongens er nog goed uit. Zeker goed voorbereid. Stoer atleten hoor. Maar wie komt daar nou aan. Is dat Hendrik Jan. Loopt ie nog wel goed. Mompelde iets over heuvels. Heuvels, zijn er hier heuvels dan? Een banaan graag. Banaan? Eh, nee, pas na 25 kilometer. Toch? Maandag. Natuurlijk gebeurde er veel meer tijdens die dagen. Zo kwamen we er achter dat die van Jans veel groter is dan die van Hennie. Zal ik verder niets over vertellen. Voor belangstellenden kan ik het bewijs wel laten zien. En er was ook nog iets met een bankpasje van Jans, maar ook dat is niet te moeite waard om te vertellen. En dat Hendrik Jan ons na de marathon bleef vertellen hoe goed hij de marathon wel had gelopen, ach, laat maar. Het waren geweldige dagen., echt waar. En heel erg gezellig. Op naar de volgende marathon. Jans Content |
|
|||||||||||||||||||